Zwevend over rotsblokken en loszittende keien genoot ik van een trailrunnetje in onze schitterende nieuwe ‘achtertuin’, het natuurpark waarin ons huis ligt. Ik was net Marjan tegengekomen die tegelijkertijd haar ochtendwandeling deed. De zon scheen uiteraard, het was niet te warm, mijn conditie kwam weer een beetje terug. Alles ging soepel. Twee dagen later zouden de Wijnsma’s komen voor een gezellige week. Ik voelde me even dolgelukkig met alles en had het gevoel dat ik zweefde in de afdaling richting ons huis. De moeilijke rotsige stukken lagen achter me. Alleen nog een rechttoe-rechtaan gravelpaadje en dan zou ik 200 meter verder thuis zijn.
Ik keek even of ik ons huis al zag liggen en op dat exacte moment voelde ik mijn linkergroteteen ergens tegen botsen en nog voor ik me kon afvragen wat het was, lag ik languit kermend op het gravelpad. Toen ik naar links keek begreep ik meteen waar de enorme pijnsensatie zat. Mijn arm bungelde flink uit de kom. Keihard hopen dat ie er weer in zou ploppen bleek niet te helpen. Halfslachtig bewegen ook niet.
Lang verhaal kort, we moesten naar het ziekenhuis dat gelukkig, net als alles, maar 7 minuten rijden is vanaf ons huis. Daar moest ik eerst langs een overdreven triage procedure, fotomakerij en infuusaanleggerij met pijnstilling en zuurstof via de neus voordat ze de kogel van mijn arm weer in de kom van mijn schouder sleurden. Dat maakte gelukkig grotendeels een einde aan de urenlange pijn.
Twee weken mitella, en dan nog vier weken rustig aan is het devies. Niet echt top getimed, nu je net een beetje wilt klussen aan je nieuwe huis, maar goed, komt zoiets ooit echt goed uit?
PS: ik struikelde over een steen. We hebben inmiddels vrede gesloten met elkaar.


Geef een reactie